maandag 1 december 2008

Een sudburyschool is geen Iederwijs: 5 fundamentele verschillen

Sudbury en Iederwijs worden erg vaak in dezelfde pedagogische hoek geveegd. Immers: beide schoolmodellen staan een zelfgestuurde ontwikkeling voor en beide geven kinderen de mogelijkheid in grote mate inspraak te hebben in het beleid van de school. Toch zijn de onderliggende filosofieën fundamenteel verschillend, met grote gevolgen voor de dagelijkse praktijk. Hieronder een beknopt overzicht van de belangrijkste verschillen*. Het eerste en het belangrijkste is het radicaal verschillende ultieme doel van elk van de educatieve filosofieën:

Verschil #1: Vrijheid versus Vrijblijvendheid

In 1740 schreef David Hume in zijn werk A Treatise on Human Nature: "
Reason is, and ought only to be the slave of the passions". Hume vond dat je niets kon zeggen over wat de mens zou moeten doen, behalve dat hij datgene zou moeten doen wat het beste zijn passies dient. Het gevoel dus, als enige en ultieme morele grond voor het menselijke handelen.

Voor zover ik kan inschatten, deelt de Iederwijs-filosofie Hume's visie. Zo lezen we op Iederwijs.nl: "
Het leren ontstaat vanuit jezelf, met het gevoel als startpunt. Vanuit je gevoel weet je wat goed voor je is. Het gevoel is de oudste vorm van kennis en de bron van alle kennis." Radicaal (maar m.i. correct) gesteld kan de Iederwijsfilosofie als volgt worden samengevat: Het kind als slaaf van zijn passies, de school(gemeenschap) als slaaf van het kind.

De sudburyfilosofie stelt het denken niet ondergeschikt aan het gevoel, en staat hier dus in scherp contrast met de visie van Iederwijs. Grondslag voor de intellectuele vrijheid die studenten binnen een sudburyschool genieten, is het recht op zelfbeschikking en de zogenaamde negatieve vrijheidsrechten: het recht om vrij te zijn van fysieke dwang, roof of bedreiging. Dit recht wordt in zo hoog mogelijke mate aan iedere student gegeven, maar er wordt ook verwacht dat zij dit zelfbeschikkingsrecht van anderen respecteren.

Samengevat: waar Iederwijs er primair streeft om kinderen zoveel mogelijk hun passies te laten bevredigen (streven naar welzijn), gaat het er bij sudbury in de eerste plaats om jonge mensen de redelijkheid en verantwoordelijkheid te geven die horen bij de vrijheid die ze als mens bezitten (streven naar rechtmatigheid). Uit dit fundamentele, filosofische verschil kunnen we vrijwel alle operationele verschillen tussen beide schoolmodellen begrijpen.

Verschil #2: Democratie versus Sociocratie

In alle scholen moet er beslist worden over het gebruik van collectieve middelen: ruimtes in de school, didactische en andere materialen, besteding van aanwezige budgetten. In tegenstelling tot traditionele scholen worden kinderen in sudbury- en Iederwijsscholen in grote mate mee betrokken in nemen van deze beleidsbeslissingen.

Iederwijs maakt beslissingen met het zogenaamde 'kringenmodel', waarbij elke kring bepaalde leden en bepaalde bevoegdheden heeft. De schoolkring bepaalt de dagelijkse omgangsregels van de school, en de meeste van bevoegdheden die de school als onderneming definiëren liggen bij volwassenen (bv. in de begeleiderskring en de topkring). Binnen dit kringenmodel worden alle beslissingen op sociocratische wijze genomen: een voorstel wordt slechts aangenomen als niemand 'overwegend bezwaar' maakt. Een consensusmodel met vetorecht dus.

Bij het sudburymodel ligt het zwaartepunt van het schoolbeleid bij de schoolmeeting, die bestaat uit alle studenten en stafleden. De schoolmeeting beslist over het huishoudelijk reglement, maar ook over de begroting, de interne organisatie en het aannemen en ontslaan van stafleden. In een sudburyschool worden collectieve beslissingen op democratische wijze genomen: na de nodige discussie en amendering van moties is het de meerderheid die beslist.

Het sociocratische model van Iederwijs ligt duidelijk in de lijn van het gevoelsdenken: het doel is dat alle deelnemers aan de vergadering zich gehoord kunnen voelen, en dat indien nodig de 'zwaksten' steeds de 'sterksten' met een veto kunnen tegenhouden. Het consent waarmee de beslissing uiteindelijk wordt aangenomen is geen consensus waar iedereen enthousiast over is, ook geen beslissing die volgens een meerderheid de beste is, maar het is de goedkeuring van het besluit waar iedereen zich het minst slecht bij voelt; het officieel accepteren van de keuze die overblijft nadat alle tegenstanders de strijd hebben opgegeven.**

Ook het beslissingsmodel van sudburyscholen is te begrijpen vanuit de achterliggende filosofie: direkte democratie harmoniseert volledig met de idee van rechtsgelijkheid; dat als het om het vellen van subjectieve oordelen gaat (vb. "Wat moet er gebeuren met dit gemeenschappelijke goed?"), niemand meer autoriteit kan opeisen dan iemand anders. Net als in de ekklèsia van het klassieke Athene wordt het beleid bepaald door die mensen die met de beste argumenten een meerderheid achter hun voorstel kunnen scharen.

Verschil #3: Stafleden versus begeleiders

Op Iederwijsscholen werken begeleiders, op Sudbury scholen stafleden. Zoals het woord al aanduidt 'begeleiden' Iederwijsbegeleiders het kind in zijn ontwikkeling. Dit kan door zelf actief workshops of lessen aan te bieden en door kinderen die volgens de begeleiders wat achterblijven op hun ontwikkeling aan te moedigen in een bepaalde richting. Aangezien Iederwijs vaak enkel met kinderen van lagere schoolleeftijd werkt, vormt de begeleiderskring er vaak de facto het dagelijkse bestuur. Begeleiders gaan ook over het overtreden van regels, waarbij ze door middel van mediatietechnieken (waaronder bijvoorbeeld non-violent communication) proberen een oplossing te vinden waar alle betrokkenen zich goed bij voelen.

Niet zo in Sudburyscholen. Stafleden worden er jaarlijks verkozen door de Schoolmeeting (bestaande uit alle stafleden en studenten), en hebben een drieledige rol in de school: ze nemen verschillende verantwoordelijkheden op binnen de schoo; ze zijn beschikbaar als kennisbron (enkel op aanvraag van studenten); ze hebben een functie als rolmodel in de school. Stafleden moeten zich aan dezelfde regels houden als de studenten, en kunnen geen 'rechter' spelen - alle klachten worden steeds in het Juridisch Comité of de Schoolmeeting behandeld.

Opnieuw kunnen we het operationele onderscheid tussen de begeleiders van een Iederwijsschool en de stafleden van een sudburyschool terugbrengen tot de onderliggende filosofische verschillen. Als, zoals bij Iederwijs, de prioriteit ligt bij welzijn, dan laat dat toe dat ook andere mensen bepalen wat goed is voor het kind. Enerzijds wordt er veel gesproken over 'vertrouwen in het kind', maar anderzijds kunnen mensen die binnen dit paradigma handelen veronderstellen dat het kind bepaalde noden heeft waar het zich zelf niet van bewust is, wat dan weer toelaat dat volwassenen hun autoriteit gebruiken om het kind (al of niet met pedagogische of retorische middelen) een bepaalde richting uit te sturen. Zoals filosoof Michael Oakeshott het ooit verwoordde in zijn kritiek op de zogenaamde Free Schools***: "The so-called 'inner discipline' of impulse, coupled with persuasion and physical intervention, takes the place of rules of conduct."

In contrast hiermee wordt er bij het Sudbury model, waar de focus op verantwoordelijkheid ligt, gestreefd naar duidelijke gedragsregels, waar ook de stafleden zich zonder uitzondering aan dienen te houden. Het manipuleren van mensen en het zich toe-eigenen van meer macht binnen de school op basis van, bijvoorbeeld, leeftijd, wordt er niet getoleerd, noch onder studenten, noch onder stafleden.

Verschil #5 Sanctie als les versus sanctie als ordeherstel

Hoewel er over dit onderwerp wat de Iederwijsscholen betreft zeer weinig geschreven bronnen te vinden zijn, lijkt het me dat er een fundamenteel verschil zit in de opvattingen over sancties in sudburyscholen versus Iederwijsscholen: in de Iederwijsfilsofie is een sanctie een 'leermoment', bij sudbury dient het primair om de orde in de school te herstellen.

Op een Iederwijsschool is het primaire doel van conflictoplossing het leerproces van het kind: leerlingen moeten er leren dat ze door conflict het welzijn van anderen, alsook dat van zichzelf, ondermijnen. Probleem is dat het uitvoeren van een sanctie op zich ook niet fijn is. Daarom wordt er vaak naar gestreefd om conflict op te lossen door mediatie, door te praten over het probleem. Het gevolg hiervan is dat kinderen nogal eens verschillende sancties krijgen voor dezelfde feiten. Er bestaat ook een reële kans dat er zich een cultuur van schijnheiligheid en manipulatie ontwikkelt: immers, kinderen die uitgebreider en geloofwaardiger berouw tonen hebben bij dit soort welzijnsgericht conflictmanagement meer kans om een sanctie te ontlopen.

Bij sudbury is het primaire doel van een sanctie het herstellen van de orde in de school, zonder dat daar expliciete pedagogische bijbedoelingen aan verbonden zijn. Men heeft het nogal eens over de 'Rule of Law', en dat klopt ook wel: 'law' als etymologische afstammeling van het Oudgermaanse 'laeg', wat precies orde betekende (en dat we nu nog kennen van zijn tegengestelde, oor-log). In het juridisch comité van een sudburyschool worden de feiten onderzocht, net als dat in een rechtbank gebeurt. Als na onderzoek blijkt dat een persoon daadwerkelijk een (democratisch gestemde) regel heeft gebroken, dan wordt een sanctie gekozen. Deze sanctie heeft als doel om, in zoverre dat dat mogelijk is, het recht te herstellen; de fout recht te zetten.

Ook in conventionele kringen waar over educatie wordt nagedacht is er vaak een grote weerstand tegen het opleggen van sancties aan kinderen. Dit kan verklaard worden door de verwarring die ontstaat als in de regels van een school ordeprincipes (om het samenleven mogelijk te maken of te herstellen) vermengd worden met pedagogische maatregelen (die ervoor dienen om kinderen zich te doen gedragen volgens een bepaald voorgeschreven patroon).**** In een dergelijke situatie is het niet verwonderlijk dat sancties ('straffen') al gauw een repressieve bijklank krijgen. Dit is in een sudburyschool niet het geval—de meeste studenten beschrijven er dan ook het juridisch comité (waar recht gesproken wordt) als een vitaal en gerespecteerd onderdeel van de school.

Besluit

Hoewel sudburyscholen en iederwijsscholen beiden uiterlijk sterk verschillen van traditionele scholen, zijn er diepgaande onderlinge verschillen. Waar de Iederwijsscholen meer aanleunen bij trends als 'het nieuwe leren' en de 'zachte pedagogiek'—waar kinderen op vriendelijke manier gestuurd worden in een richting die (althans in de ogen van de pedagogen) de belofte van toekomstig welzijn inhoudt—, gaat sudbury terug op de oude idee van educatie als karaktervorming (
bildung). Deze idee is sinds de bloei van het humanisme langzaam weggegleden in een hol leraargestuurd autoritarisme, en de meer dan 200 jaar oude roep om hervorming is dan ook volledig terecht. Echter verborgen onder het directieve, 'harde' onderwijssysteem van enkele decennia terug zat nog steeds de idee van individuele verantwoordelijkheid: verwacht werd dat ieder kind iets van zijn of haar leven leerde maken; dat de leerling de zelfbeheersing zou aanleren die bepalend zou zijn voor zijn volwassen leven. De sudburyfilosofie staat voor precies dezelfde waarde, zei het dan met het fundamentele verschil dat ze educatie als zelfbeheersing brengt in een kader waar kinderen als rechthebbend gerespecteerd worden. Immers, wat voor zin heeft zelfbeheersing in afwezigheid van zelfbeschikking?


*Voor mijn stellingen over de sudbury filosofie baseer ik mij voornamelijk op de boeken van Daniel Greenberg en de praktijk van de Sudbury Valley School, alsook op gesprekken die ik voerde met stafleden en studenten van verschillende aanverwante scholen. Mijn kennis van de Iederwijsfilosofie blijft beperkt tot gesprekken en emailcommunicatie met betrokkenen van Iederwijsscholen en het lezen van de website Iederwijs.nl. Naar mijn weten is er geen boek waarin de Iederwijsfilosofie grondig in besproken wordt. Ik ga ervanuit dat de stellingen die ik in deze tekst aanhaal door een aantal mensen als te grof geschetst of als wezenlijk onjuist zullen gezien worden. Bij deze nodig ik hen dan ook van harte uit om in hun pen te kruipen en te argumenteren waarom mijn stellingnames onjuist zijn.

** Het valt op te merken dat de benaming 'sociocratie' eigenlijk bijzonder passend is voor deze vorm van bestuur. De stam socio is gerelateerd aan het latijn
sequi, wat 'volgen' betekent—het woord socius betekende naast 'kameraad' ook 'volgeling'. Sociocratie is dan het maatschappelijk systeem waarbij (paradoxaal genoeg) de macht bij de volgzamen ligt. En inderdaad, het consent is in essentie de bezegeling van een beslissing waar alle leden van de kring zich volgzaam bij neerleggen. In de woorden van een begeleidster op een Iederwijsschool waar ik een gesprek mee had: "Consent is iets anders is dan consensus. Consent is slechts de vraag: “kan je met deze beslissing leven? Kan je er in meegaan als we dit zouden beslissen?” Bij consensus zoek je naar de beste beslissing, een beslissing waar iedereen echt enthousiast over is."

*** Michael Oakeshott, "Education: The Engagement and Its Frustration, in Philosophy of Education, Major Themes in the Analytic Tradition (Routledge, 1998), p. 292.

****Het woord 'pedagogie' komt van het Latijnse paedagogus, wat een slaaf was die permanent toezicht hield op kinderen en hen disciplineerde. Het idee dat de wet een pedagogische (dit wil zeggen, disciplinerende) functie moest hebben vinden we bv. ook terug bij Maarten Luther, die naast het gebruik van de wet voor publieke orde (usus politicus) ook stelde dat de wet het morele domein van het samenleven moest regelen, door het bestraffen van zonde (usus paedagogicus) en het voorschrijven van morele gedragsregels (usus in renatis). 

Geen opmerkingen: